‘De kinderen zullen altijd tussen ons staan’

Toen zijn vrouw bij hem wegging, zat Dik Veefkind lamgeslagen thuis met twee huilende kinderen en zijn hoofd in zijn handen. Nu kan hij zeggen: ‘Ik heb dure levenslessen geleerd. Maar dat is geen ballast, dat is bagage.’

 

Het is ruim elf jaar geleden dat Dik Veefkind – bedrijfsadviseur van beroep, opgegroeid in de Zaanstreek in Noord-Holland, zoon van een gereformeerde dominee – van de ene op de andere dag werd ontslagen. Op staande voet. Het ontslag zei meer over zijn werkgever dan over hemzelf, maar Veefkind was onthutst. Nooit van zijn leven had hij gedacht dat hij zomaar op straat gezet kon worden.

“Op een dag heb ik ervaren dat God echt tegen mij zei: Hé joh, zij is Mijn kind. Ik houd van haar. Ik heb ook met haar leven een plan.”

De stress kroop in zijn schouders en sloop in zijn huwelijk. Hij was sinds 1996 getrouwd en had twee kinderen: een jongetje van vijf en een meisje van twee. Natuurlijk was het geen vrolijke tijd, natuurlijk was hij als echtgenoot niet op zijn best, maar het laatste wat hij verwachtte was dat zijn vrouw hem ook zou verlaten. Toch deed ze dat. Ze had een ander ontmoet en wilde scheiden. Lamgeslagen zat hij thuis, met twee huilende kinderen, zijn hoofd in zijn handen.

GEESTELIJKE BAGAGE

Help, ik ben gescheiden!, heet het boek dat Dik Veefkind kortgeleden uitbracht. Sinds dat noodlottige jaar, 2004, heeft zijn leven een nieuwe gedaante aangenomen. Hij schreef aan het boek in de hoedanigheid van hertrouwde man, met inmiddels vier kinderen, en doet nu uitspraken die toen ondenkbaar waren. Zoals: ‘Ik ben alles kwijtgeraakt in die tijd, maar ik heb er meer voor terug gekregen. Dat klinkt controversieel, maar ik heb het over geestelijke bagage. Ik ben er rijker door geworden en ben een mooier mens geworden. Ik heb dure levenslessen geleerd. Maar dat is geen ballast, dat is bagage.’

In zijn boek is hij af en toe anekdotisch over zijn eigen echtscheiding en de donkere jaren die op die huwelijksbreuk volgde, maar hij probeert vooral de wijsheid op te schrijven die hij door schade en schande heeft opgedaan. Het zijn pagina’s vol adviezen voor christenen die ook in scheiding liggen, én voor kerken die zich verlegen voelen met gebroken huwelijken. Niet voor niks wil Veefkind nu zelf aan de slag als mediator en als coach.

Echtscheiding en hertrouwen behoren tot de grootste controverses binnen de kerken, zegt hij. “Een echtscheiding staat haaks op hoe de meeste kerken tegen huwelijken en relaties aankijken, en als je daarna ook nog komt met hertrouwen, stoot je heel vaak tegen een muur van niet zozeer onbegrip als wel dogma’s en ideeën. In heel veel kerken wordt gezegd: een huwelijk kan maar één keer voor God bevestigd worden, ook al worden daarin wel nuances aangebracht: het ligt anders als je partner is overleden of overspel heeft gepleegd.”

Een kerk moet altijd contact houden met mensen die zijn gescheiden. “Alsjeblieft, laten we stoppen met oordelen over elkaar”, zegt Veefkind. “Zorg ervoor dat je ook degene die de stap naar de echtscheiding heeft gezet, niet afserveert of de rug toekeert. Juist dat gebeurt zo ontzettend veel, omdat men kennelijk denkt: als ik contact opneem, keur ik zijn of haar keuze goed. Maar dat is heel wat anders. En je weet nooit wat je in het leven van die ander kan betekenen. Mijn vroegere vrouw is na acht jaar tot de conclusie gekomen: ik heb het niet goed gedaan toen, wil je mij vergeven? Als ik alle deuren had dichtgedaan en ruzie was blijven maken, was dat niet gebeurd.’

Het omvangrijkste hoofdstuk in zijn boek gaat daar over: vergeving. ‘Ik geloof dat vergeving de absolute kracht is die mensen tot herstel kan leiden. Niet in de zin van: je moet en je zult vergeven. Ik ben zelf ook een hele weg gegaan. Ik ben de eerste twee jaar alleen maar boos geweest op haar, echt boos. Omdat ze alles achter zich verbrandde. Ze wilde niet praten. Ik heb brieven geschreven, daar ging ze niet op in. Er was geen enkele mogelijkheid om in gesprek te raken over wat gebeurd was, laat staan over een hereniging tussen ons. Na die twee jaar ben ik toch tot rust gekomen. Ik had veel mensen om mij heen met wie ik kon praten, ik leerde lotgenoten kennen. En op een dag heb ik ervaren dat God echt tegen mij zei: Hé joh, zij is Mijn kind. Ik houd van haar. Ik heb ook met haar leven een plan.”

LOSKOMEN

“Vergeving is het meest elementaire middel dat je als mens ter beschikking hebt gekregen om te herstellen van zoiets heftigs als een echtscheiding. Vergeving heeft mijn leven grondig veranderd. Als ik mijn vroegere vrouw niet had vergeven, was ik blijvend vastgebonden aan haar. Dat is wat ik in heel veel levens zie: dat mensen blijvend vastgebonden zijn aan een situatie of persoon uit het verleden. Daardoor zijn ze niet vrij, en dat kan nooit de bedoeling zijn geweest toen God jou en mij op deze aarde heeft gezet.”

Veefkind heeft zich verdiept in de statistieken, en die zijn onheilspellend. Van de huwelijken wordt 35 procent voortijdig afgebroken. Van de tweede huwelijken zelfs vijftig procent. Een huwelijk is eeuwig ‘werk in uitvoering’, zegt hij. Daarom pleit hij ervoor dat kerken cursussen aanbieden: voor mensen met prille relaties, maar ook voor mensen die al jaren samen zijn. “Het probleem is dat als ik in het pastoraat geconfronteerd wordt met een echtpaar dat huwelijksproblemen heeft, dat ik heel vaak al te laat ben.”

En denk ook vooral om de kinderen, die collateral damage zijn van het huwelijksgeweld. “Zij zijn altijd mijn achilleshiel geweest: mijn kinderen. Er is iets gebeurd waar ik geen invloed meer op had, wat ik niet meer kon terugdraaien, waar ik ze niet meer voor kon beschermen. Zij moesten daar doorheen. In mijn boek heb ik een dagboekfragment over mijn zoon van vijf opgenomen: mijn verdriet voor hem was zo echt, dat sneed door mijn ziel. Een echtscheiding zou je in het leven van zulke jonge kinderen niet moeten willen, als ouder zijnde. Ik heb een aantal jaren geleden letterlijk tegen mijn vroegere vrouw gezegd: wij kunnen eens weer gelukkig zijn, maar onze kinderen zullen altijd tussen ons in blijven staan. Zij zullen altijd leven in een situatie waarin hun vader en moeder niet meer samen zijn. Zij betalen de hoogste rekening. Als je statistieken er op na kijkt, zie je dat kinderen uit gebroken gezinnen meer moeite hebben met het aangaan en vasthouden van relaties. Dat is een hard feit.”

 

Reformatorisch Dagblad, 4 september 2015.

Dagelijks worstelen met een scheiding

Over echtscheiding wordt veel gesproken en geschreven. Dat is ook niet zo verwonderlijk: het onderwerp raakt mensen en ruïneert levens. Help, ik ben gescheiden! is het verhaal van een ervaringsdeskundige die verlaten werd door zijn vrouw en eerlijk schrijft over zijn persoonlijke worsteling als gescheiden man en vader.

Aan het begin van het boek richt de auteur, Dik Veefkind, zich tot hen die verkeren in een huwelijkscrisis. In een tijd waarin huwelijkstrouw allesbehalve vanzelfsprekend is, doet het verfrissend aan om een sterk appel te lezen om te vechten voor herstel van het huwelijk. Het huwelijk is die moeite waard! Tegelijk wordt de realiteit van echtscheiding onder ogen gezien en worden er heel wat knelpunten besproken die gescheiden mensen in de praktijk tegenkomen.

Niet voor niets wordt een echtscheiding gezien als een van de meest ingrijpende gebeurtenissen die iemand kunnen overkomen. Vragen die aan de orde komen zijn bijvoorbeeld: wat doet een echtscheiding met je vertrouwen in mensen? Wat een diepe vragen kan het geven over Gods leiding in je leven. Wat betekent het om er alleen voor te staan? Wat doet een echtscheiding met je vrienden- en familiekring? Hoe is het om alleen kinderen te moeten opvoeden, en om te blijven samenwerken met een ouder die niet meer je man of vrouw is? Ook de vorming van een samengesteld gezin krijgt aandacht.

”Help, ik ben gescheiden!” is meer dan een ervaringsverhaal. De auteur deelt vrijmoedig zijn persoonlijke ervaringen, maar hij is erin geslaagd om ze slechts illustratief te laten zijn bij wat hij wil doorgeven. Een heel hoofdstuk is gewijd aan het thema vergeving. Daarin wordt geen goedkope oproep gedaan om altijd te vergeven. Veefkind is eerlijk over zijn eigen worsteling om te vergeven, maar vertelt ook hoe bevrijdend het is om bitterheid en boosheid los te laten en over te geven in Gods handen.

Uitvoerig gaat de schrijver in op de vraag hoe de christelijke gemeente moet omgaan met echtscheiding. In veel kerken is er nauwelijks nagedacht over de omgang met gescheiden gemeenteleden. Voor hun kinderen ontbreekt vaak de pastorale zorg. Veefkind ziet ruimte voor gescheiden christenen om opnieuw te trouwen. De titel van het hoofdstuk dat daarover gaat is veelzeggend: ”De wet of de genade? Kerk, sta op!”

De wijze waarop Veefkind het standpunt over echtscheiding en hertrouwen Bijbels onderbouwt, is niet zo sterk. Je hoeft het echter niet in alles met de auteur eens te zijn om in zijn boek waardevolle adviezen te vinden. Hij breekt een lans voor huwelijksvoorbereiding en huwelijkspastoraat binnen de kerken. Hartstochtelijk pleit hij voor een barmhartige benadering van gescheiden christenen en hun kinderen, voor een warme onderlinge zorg in de gemeente, en voor trouw in het pastoraat.

Veefkind is evangelisch christen. Zijn wijze van spreken over God zal bij reformatorische christenen soms wat vervreemding oproepen. Tegelijk valt er uit dit boek veel te leren. In de christelijke gemeente wordt vaak veel energie gestoken in het herstel van gebroken huwelijken. Gelukkig maar! Is de scheiding een feit, dan is er vaak veel aandacht voor de schuldvraag. Over wat echtscheiding met kinderen doet, is heel wat gepubliceerd. Wellicht wordt er echter te vaak aan voorbijgegaan dat gescheiden mensen zelf ook door een diep dal gaan en dat hun leven voorgoed anders is geworden.

Het boek leest vlot weg en geeft een gezicht aan de dagelijkse worsteling van gescheiden christenen. Gescheiden mensen zullen er herkenning in vinden. De schrijver steekt hun een hart onder de riem, bemoedigt hen en denkt mee vanuit de radeloosheid die hij zelf soms ervaren heeft. Op directe wijze spreekt hij deze mensen aan en durft hij hun ook een spiegel voor te houden.

In ”Help, ik ben gescheiden!” wordt ook een sterk appel gedaan op de christelijke gemeente om gescheiden mensen én hun kinderen bij te staan. Waar vindt een gescheiden man of vrouw een luisterend oor, niet alleen de eerste tijd, maar ook in de eenzame jaren ná de scheiding? Wie vraagt er aan de kinderen hoe het voor hen is dat hun ouders gescheiden zijn? Wie ”Help, ik ben gescheiden!” leest, voelt zich meegenomen in de belevingswereld van gescheiden christenen en wordt uitgenodigd om hen bij te staan. Elk hoofdstuk sluit af met enkele ”suggesties voor omstanders”. Deze bevatten wellicht geen opzienbarende eyeopeners. Ze dagen echter vooral uit om in praktijk gebracht te worden.

Goed omgaan met gescheiden medechristen

Nederlands Dagblad, 2 mei 2015.

Het aantal scheidingen in Nederland is in een paar decennia tijd sterk toegenomen. Wat is de invloed daarvan op de levens van mensen en op de Nederlandse samenleving? Vandaag: hoe gaan kerken hiermee om?

Echtscheiding leidt regelmatig ook tot scheiding van een kerkelijke gemeente. Het is zeker lastig beide partners bij de gemeente te houden.

Christelijke stellen die uit elkaar gaan, krijgen in de ene kerkelijke gemeente allebei een zegen mee, en komen in de andere gemeente onder censuur. Het beleid in kerken rond de omgang met de gescheiden medechristen loopt uiteen. Toch is het in veel gevallen lastig om beide partners bij de kerk te houden en ervaren veel gescheiden mensen de pastorale zorg als onvoldoende. Ook blijkt er een spanningsveld te zitten tussen enerzijds de Bijbelse lijnen en anderzijds de pastorale praktijk: het lijkt liefdevol om mensen niet te veroordelen, maar wat als een kerk zich hier vanuit de Bijbel toch toe geroepen voelt?

Onvoldoende

Uit een onderzoek van de Evangelische Omroep in 2012 bleek dat gescheiden kerkgangers gemiddeld een onvoldoende voor de pastorale zorg geven. Gescheiden christenen ervaren ook een scheiding met de kerk. ‘Ik bleef achter met vier kinderen, niemand in de kerk stak een hand uit of bood een luisterend oor’, zegt een respondent. En een ander: ‘Toen bleek dat er huwelijksproblemen waren, werd een brief thuisbezorgd met de mededeling: uitsluiting van het heilig avondmaal, ongeacht of er wel of geen schuld is.’ 

Kinderen

Ervaringsdeskundige Dik Veefkind (46) schreef het boek Help, ik ben gescheiden (Novapres, 2015), waarin hij onder meer kerkenraden adviseert om geen van de betrokkenen te veroordelen. ‘In geval van ziekte of rouw vinden kerken het niet moeilijk om mee te leven. Maar bij echtscheiding wordt er snel gedacht in termen van goed en fout.’ Toen zijn vrouw in 2004 bij hem wegging, kerkte Veefkind in de Christelijke Gereformeerde Kerk. ‘De mensen uit mijn huiskring stonden allemaal om mij heen. Ook mijn voorganger is intensief met ons opgetrokken. Maar voor de kinderen was die aandacht er niet zo. Ook van andere gescheiden mensen hoor ik dat er een kloof is tussen wat kinderen nodig hebben en wat de kerk kan bieden. Daar maak ik me best heel druk om, omdat ze in een kwetsbare positie zitten en er onder hen ook veel afhakers zijn. In de gemeente waar ik nu lid ben, geef ik leiding in het pastorale team, en proberen we bij een echtscheiding bewust ook om kinderen heen te staan.’ 

Nieuwe familie gevonden in de kerk

Het is heel waardevol wanneer gemeenteleden om een gescheiden medechristen heen staan, ervoer Natalie Ros (30). Haar huwelijk liep vorig jaar stuk, omdat, zo zegt ze, haar man en zij uit elkaar gegroeid waren. ‘In zeer korte tijd was het een feit. Dat was heel pijnlijk en heel verdrietig.’ Op aanraden van vrienden verhuisde ze naar Amsterdam, waar ze terechtkwam bij de Hillsong Church. ‘Ik kwam totaal onbekend in een nieuwe gemeente, met mijn gebroken leven. En ik ben ontvangen met veel liefde, er was geen veroordeling. Mijn nieuwe gemeenteleden wezen op God, en hebben veel voor me gebeden. Dat betekende veel voor mij. Ik weet dat God van mij houdt, en dat het er niet om gaat waar ik vandaan kom, maar waar ik naartoe ga. Ik heb veel gesprekken gehad met mensen uit de kerk. Ook volg ik er een cursus om goed zicht te krijgen op mijn emoties. Het allerbelangrijkste was voor mij dat de gemeenteleden mij een stukje van God lieten zien, door de liefde van God uit te delen. Ik mag mensen midden in de nacht bellen, als dat nodig is. En bij anderen mag ik zo vaak komen eten als ik maar wil. Mijn oude leven is voorbij, maar in de kerk heb ik een nieuwe familie gevonden. Het lijkt me mooi om op termijn zelf ook iets voor andere gescheiden mensen te kunnen betekenen. Ook al voelt het niet zo, God heeft altijd een plan voor ons. Daar ben ik zo dankbaar voor.’

 

 KERK & RELIGIE  Artikel uit het Reformatorisch Dagblad van 10 november 2014

„Kerk verlegen met echtscheiding”

10-11-2014 09:31 | Van een medewerker

 

Studiedag De Studiedag “Echtscheidingen in onze kerken, en dan?”, zaterdag in Amersfoort. 

Voorgangers, ambtsdragers, pastoraal werkers en andere christenen weten vaak niet goed om te gaan met echtscheidingen en gescheiden leden in de christelijke gemeente.

„Laat de christelijke gemeente de plek zijn waar genade en waarheid elkaar omhelzen en recht en vrede elkaar kussen”, stelde voorganger Richard Klomp zaterdag in Amersfoort op een studiedag over de problematiek rond echtscheiding.

Klomp, voorganger van de evangelische Rafaëlgemeente in Amersfoort, stelde dat voorgangers en kerkenraadsleden moeten balanceren op de „smalle richel van recht tegenover genade.” Als het over gebroken huwelijken gaat moeten zij in plaats van boekhouders van het kwaad meer uitvoerders van Gods genade zijn, vindt hij.

Afhakers

De studiedag ”Echtscheidingen in onze kerken, en dan?” was georganiseerd door een platform van christelijke organisaties op het gebied van huwelijk, relaties en echtscheidingen. Dik Veefkind, mede-initiatiefnemer van het platform ”Zorg na echtscheiding”, kwam zelf onvrijwillig in een echtscheidingsprocedure terecht. In het boek ”Help, ik ben gescheiden”, dat komend voorjaar verschijnt, beschrijft hij de rol van de kerken bij echtscheidingen. Uit Amerikaans onderzoek blijkt dat het percentage echtscheidingen onder christenen niet veel verschilt van het gemiddelde.

Veefkind noemde het zorgwekkend dat een groot percentage mannen en vrouwen en ook kinderen na een echtscheiding de kerk of gemeente vaarwel zeggen. „Uit dit hoge percentage van afhakers blijkt dat zij zich veroordeeld en afgewezen voelen. Blijkbaar weet de christelijke gemeente niet om te gaan met gescheiden gemeenteleden en bestaat er een verlegenheid met of zelfs schaamte over echtscheidingen en gebroken relaties.”

Bram de Blouw, relatiecoach uit Amersfoort en schrijver van boeken over echtscheiding en hertrouwen, benoemde verschillende fasen in een echtscheidingsproces. Voor ambtsdragers is de kennis van de stadia belangrijk omdat elke fase om een specifieke begeleiding vraagt, aldus De Blouw, die hierover het boek ”Gebroken en toch heel” schreef.

Zorgvuldig

De Blouw ging in op de ingewikkelde problematiek rondom het hertrouwen. Hij vroeg de zorgvuldig genomen besluiten van kerkenraden te respecteren.

Christien de Ruyter, maatschappelijk werker bij stichting De Driehoek, wees op het cruciale belang van het huwelijkspastoraat, dat al in de verkeringstijd moet beginnen.